Afkomstig uit België

Geboren in Dendermonde op 16 november 1970, begint Bernice Coppieters in 1980 met haar studies dans aan het Antwerps Instituut voor Ballet. In 1988 wordt ze toegelaten tot de Juilliard School van New York en in datzelfde jaar wint ze de Prix de Lauranne, waarna ze als solist benoemd wordt bij Ballet Vlaanderen. Van 1991 tot 2012 maakte ze deel uit van het gezelschap van Les Ballets de Monte-Carlo onder leiding van Jean-Christophe Maillot. Deze ontmoeting is het begin van een meer dan 20 jaar lange samenwerking. Coppieters inspireerde Jean-Cristophe Maillot tot het maken van enkele van zijn meest memorabele personages: Juliette uit Roméo et Juliette, La Fée-mère en La Marâtre uit Cendrillon, Meier van het koppel Drosselmeier uit Casse-noisette Circus, de titelrol van La Belle, Titania uit Le Songe, La Mort uit Faust, princes Sheherazade uit Sheherazade en Sa Majesté la Nuit uit LAC. Daarnaast danst ze verschillende belangrijke rollen in Concert d’anges, Dov’è la Luna, Duo d’anges, Home, Sweet Home, Thème et Quatre Variations, Ubuhuha, Vers un pays Sage, In Volo, l’Île, Opus 40, OEil pour oeil, Entrelacs, D’une rive à l’autre, Altro Canto I et II, Fauves (met Gil Roman), Men’s Dance for Women en Daphnis et Chloé. Ook danst Coppieters de hoofdrollen in verschillende balletten uit het Ballets Russes-repertoire (Shéhérazade, les Sylphides, l’Oiseau de feu, Petrouchka en L’Après-midi d’un faune) en uit het repertoire van George Balanchine (Agon, Les Quatre Tempéraments, le Fils prodigue, La Valse, Sérénade, Violin Concerto, Who Cares?, Thème et Variations). Naast haar carrière als danseres werkt Coppieters samen met talloze hedendaagse choreografen, wiens werken deel zijn geworden van het repertoire van de Ballets de Monte-Carlo, of wie, als gastchoreografen, verschillende rollen voor haar gecreëerd hebben: Duende van Nacho Duato, In the Middle... Somewhat Elevated, Approximate Sonata, The Vile Parody of Address en The Second Detail van William Forsythe, Watching Waters van Renato Zanella, Return to a Strange Land, Bella Figura, Sechs Tänze, No More Play en Silent Cries van Jiří Kylián, en werken van Karole Armitage, Lucinda Childs (The Chairman Dances), Twyla Tharp, Kevin O’Day, Angelin Preljocaj, Uwe Sholz, Jacopo Godani, Sidi Larbi Cherkaoui (In memoriam, Mea Culpa), Johan Inger, Alonzo King, Marco Goecke en Maurice Béjart, die haar aangeboden heeft zijn Boléro te interpreteren. De laatste jaren werkt zij ook mee aan verschillende van Jean-Cristophe Maillots grote producties voor bekende gezelschappen als het Koninklijk Zweeds Ballet, het Aalto Ballett Essen, het Weense Staatsballet, het Koreaans Nationaal Ballet, het Pacific Northwest Ballet, het Nationaal Theater van Praag, de Atlanta Ballet Company. In 2015 is Bernice Coppieters benoemd tot Maître de Ballet Principal van de Ballets de Monte-Carlo.

Werkte in het verleden mee aan