De Belgische tenor Guy de Mey kan terugblikken op een indrukkwekkende carrière met optredens in tal van gerenommeerde operahuizen zoals de Scala, Covent Garden, het Liceu (Barcelona), het Teatro Real in Madrid, de Opéra national de Paris, de Bayerische Staatsoper (München) en de Nationale Opera in Amsterdam. Hij specialiseerde zich aanvankelijk in barokopera. Dit resulteerde in opnamen met o.m. William Christie, René Jacobs en Marc Minkowski. Hoogtepunten in zijn carrière tot dusver waren Tikhon/Kat’a Kabanová in de Scala van Milaan (huisdebuut onder John Eliot Gardiner) en in Madrid; Triquet/Jevgeni Onegin in de Nationale Opera, Amsterdam (met het Concertgebouworkest o.l.v. Mariss Jansons) en met het Orkest van de Bayerische Rundfunk; Linfea/La Calisto (Cavalli) in de Bayerische Staatsoper en Covent Garden; Lucano/L’Incoronazione di Poppea in het Liceu; Tanzmeister/Ariadne auf Naxos in de Scala en in München, Zürich en Straatsburg onder dirigenten als Kent Nagano, Christoph von Dohnányi, Sir Eliot Gardiner, Antonio Pappano en Mariss Jansons; Frick, La Vie parisienne (Offenbach) in Lyon en Tapioca/L’Etoile (Chabrier) in Zürich onder John Eliot Gardiner.  Hij was ook mee te maken in de wereldcreatie van Unsuk Chins Alice in Wonderland in de Bayerische Staatsoper - een werk waarmee hij tevens zijn huisdebuut maakte in het Grand Théâtre de Genève. Hij debuteerde in Covent Garden als Linfea; gevolgd door Guillot de Morfontaine/Manon Lescaut (Massenet), aan de zijde van Anna Netrebko en onder Antonio Pappano en Basilio/Le Nozze di Figaro. In Opera Vlaanderen werkte Guy de Mey mee aan tal van producties zoals Lulu, Het Sluwe Vosje, Kat’a Kabanová, Dialogues des Carmélites, Jevgeni Onegin en Die Zauberflöte. Hij werkte ook intens mee aan de Janáček-cyclus van Robert Carsen bij de Opéra du Rhin in Straatsburg. De nabije toekomst brengt onder meer Linfea in een nieuwe productie van Mariame Clément (Straatsburg) en in de Bayerische Staatsoper (productie van David Alden) en Aumônier/Dialogues des Carmélites in De Munt.