50 jaar Ballet Vlaanderen: ontdek een dansseizoen vol hoogtepunten

Precies vijftig jaar geleden stichtte danslegende Jeanne Brabants het toenmalige Ballet van Vlaanderen. In dit jubileumjaar vind je opnieuw heel wat bijzondere producties op ons programma. Artistiek directeur Sidi Larbi Cherkaoui en company manager Kiki Vervloessem gidsen je door enkele hoogtepunten uit dit feestelijke seizoen.

De vertelkracht van dans

Sidi Larbi Cherkaoui: Jeanne Brabants was enorm gepassioneerd. In haar werk zie je niet alleen elementen uit de klassieke en de moderne dans, maar ook de invloed van volksdans is onmiskenbaar. Kijk naar het huppelen en het springen in haar choreografieën. Dat geeft aan dat het haar niet alleen om de techniek te doen was. Vooral de vertelkracht die van dans uitgaat, vond ze belangrijk.

Kiki Vervloessem: Jeanne Brabants wist mensen op sleutelposities in de maatschappij warm te maken voor dans. Vaak hadden die niets met de kunstensector te maken en waren ze helemaal niet geïnteresseerd in dans... tot Jeanne langskwam. Ze had een duidelijk doel voor ogen: dans als kunstvorm een plek te geven in Vlaanderen.

Cherkaoui: Wat ik ook in haar bewonder, is dat ze niet bang was om zich bloot te geven, om echt persoonlijk en dus hedendaags werk te maken. Een van haar iconische choreografieën is Dialoog. Dat ontstond nadat zij en haar man een moeilijk moment in hun huwelijk hadden doorgemaakt. Heel knap.

 

'Dialoog' van Jeanne Brabants © Filip Van Roe

Ballet voor de 21ste eeuw

Cherkaoui: Jeanne Brabants inspireert ons om ballet voor de 21ste eeuw te maken. Ze was een pionier met lef en dat willen wij ook zijn. De danswereld is de afgelopen vijftig jaar voortdurend in evolutie geweest. De gelijkwaardigheid tussen mannen en vrouwen is bijvoorbeeld almaar toegenomen.

Vroeger werden tal van genderstereotypen opgelegd aan dansers en danseressen. Mannelijkheid werd geïdentificeerd met kracht, vrouwelijkheid met zachtheid. De meest succesvolle choreografen vandaag hebben een fysieke taal die genderneutraal is en die mannen en vrouwen op een gelijke manier uitdaagt. Zo krijgt elk individu op het podium ook de kans om zijn eigen verhaal te vertellen. 

Vervloessem: Wij heten weliswaar Ballet Vlaanderen, maar wat we brengen is dans. Ons repertoire is veel breder dan het klassieke ballet alleen. Onze dansers kunnen niet alleen lichamelijk veel aan, ze kunnen zich ook als een kameleon aanpassen aan een stijl, maar je voelt altijd wel nog hun eigen identiteit.

 

De seizoensopener: Brabants / Cherkaoui

Vervloessem: We begonnen het seizoen met het tweeluik Brabants / Cherkaoui. De avond start met Cantus Firmus van Jeanne Brabants. Cantus Firmus is een harmonieus, eerder abstract werk. Brabants liet zich inspireren door de muzikale techniek van de cantus firmus, waar Johann Sebastian Bach een absoluut meester in was.

Cherkaoui: Cantus Firmus lag al vier jaar op de plank om met Ballet Vlaanderen te brengen. Het heeft in zijn tijd echt impact gehad op het publiek in Vlaanderen, omdat het zo mooi was. Mensen waren er enorm door gecharmeerd. Af en toe is het belangrijk om iets te brengen dat gewoon mooi is.

Cherkaoui: Op dezelfde avond staat Mea Culpa. Daarin wou ik onderzoeken welke wereld onze voorouders ons hebben nagelaten, en wat de fundamenten zijn van onze huidige beschaving en van ons comfort. Ik richtte me in mijn zoektocht met name op ons koloniaal verleden in Congo. De vreemde relatie tussen meesters en dienaars heeft me altijd gefascineerd.

Ons koloniale verleden heeft enorme ravages aangericht. We dragen de geschiedenis van zowel de beulen als de slachtoffers mee. We moeten daarin moedig en vooral empathisch zijn. De ontroerende muziek van Heinrich Schütz biedt een uitweg. Hij heeft dit Mea Culpa op het einde van zijn leven geschreven. Er zit een enorm verdriet in, maar de muziek is tegelijk zalvend.

Vervloessem: Mea Culpa en Cantus Firmus zijn allebei signature pieces: het ene van onze allereerste artistiek directeur, het andere van onze huidige. Zo maken we een mooie boog van het verleden naar de toekomst.

RASA [naar La Bayadère]

Cherkaoui: Verderop in het seizoen creëert de Argentijnse choreograaf Daniel Proietto een nieuwe versie van de balletklassieker La Bayadère. Ik heb Daniel altijd bewonderd als performer en ben erg onder de indruk van zijn capaciteit om mensen mee te nemen in zijn passie voor beweging. Hij heeft een genereuze blik op dansers, daaraan herken je de echte choreograaf. Ik vind het belangrijk om jonge makers een kans te geven.

Vervloessem: Het bijzondere aan deze RASA [naar La Bayadère] is dat het geen reconstructie is van het 19e-eeuwse origineel. Proietto brengt een heel individuele kijk op het werk en doorbreekt de westerse blik op het Oosten. Hij doet dat door de oosterse dansstijlen, die hij ter plekke heeft bestudeerd, te incorporeren in zijn creatie. Het belooft spectaculair te worden.

 

Cherkaoui / Bausch

Cherkaoui: Het seizoen wordt afgesloten met het meesterwerk Le Sacre du printemps van Pina Bausch. Het is zo’n grote eer voor ons om dit werk te mogen brengen. Het is misschien wel de sterkste Sacre ooit gecreëerd. Bausch’ taal en haar capaciteit om een groep in beweging te brengen zijn buitengewoon.

Vervloessem: Dat onze nieuwe muziekdirecteur Alejo Pérez die Sacre absoluut wilde dirigeren is fantastisch. Het toont aan dat de banden tussen opera en ballet sterker zijn dan ooit. Een legendarisch werk als deze Sacre verdient zo’n sterke muzikale leiding. Samen met Noetic van Larbi, waarmee het een tweeluik vormt, is het een fabuleuze afsluiter voor dit jubileumjaar.

 

Een uitgebreide versie van dit interview kwam in de bijlage Vijftig Jaar Ballet Vlaanderen bij De Standaard.