Simon schrijft (3): Opinies

Simon Schmidt is bariton in het koor van Opera van Vlaanderen en werkt nu het zevende seizoen op rij met het gezelschap. Simon schrijft elke maand een blog voor ons, een eerlijk relaas over het leven bij het operahuis en onder de mensen die het bevolken.

Opinies: op welke vertrouw je en naar wie luister je?

Wanneer Clint Eastwood in de filmklassieker ‘The Dead Pool’, het sluitstuk van de Dirty Harry-reeks, zijn iconische oneliners brengt, leef ik met hem mee. Bijvoorbeeld in de scene waar een collega Harry Callahan (Eastwood) zegt dat naar zijn mening de politie-afdeling er baat zou bij hebben als Harry met hem aan de PR werkte. Waarop Harry koudweg antwoordt dat opinies veel gemeen hebben met een aars: iedereen heeft er een.

Waar, maar zoals Harry’s vergelijking impliceert, zitten we vaak niet te wachten op de uitlatingen van een ander. We hebben allemaal wel een verhaal over een ongevraagde opinie. Hoe onvergetelijk ze was en tegelijk hoe ongepast je ze vond. Misschien kwam ze van een werkgever, een leraar, een familielid of een goedbedoelende collega. Misschien was het een (voormalige) vriend. Soms voel je zo’n mening gewoon aankomen. En wanneer het hoge woord valt, geeft je reactie veel prijs.

Je vermogen om met kritiek om te gaan is een belangrijke troef in het leven en in de opera in het bijzonder. Het is vaak geen kwestie van juist of mis, zwart of wit; kritiek is nodig om je scherp te houden, doeltreffend en net iets beter. Een zanger krijgt bij elke podiumrepetitie algemene, muzikale feedback van de dirigent, meer detailkritiek van de repetitor, dictie-opmerkingen van de taalcoach, spelinstructies van de regisseur en veiligheids- en gezondheidsrichtlijnen van de toneelmeester. Allemaal mensen die betaald worden om feedback te geven, en meer wel dan niet zijn ze qua ervaring geknipt voor die taak. Soms kan die stroom van opmerkingen echter overweldigend worden, maar als je paniek weet te vermijden, kan je als zanger echt je voordeel doen met hun inbreng.

Een zanger hoeft maar even wat minder zelfzeker te zijn en een welgemeende ‘ik vond je performance op de bühne zeer sterk’, wordt geïnterpreteerd als ‘ik heb het liever over je looks dan over je zang’.

Uiteraard krijg je als zanger ook kritiek van mensen die helemaal niet de juiste ervaring hebben om degelijk onderbouwde kritiek te leveren. Als ze van een complete leek komen kunnen zelfs complimenten hard aankomen. Zo zong ik een tijd geleden op een bruiloft van een vriend in Australië. Ik zong Händels Largo uit Serse (Ombra mai fu) en nog iets. Het ging eigenlijk best goed. Achteraf wanneer ik voor de kerk aan het buffet overwoog met welke culinaire hoogstandjes ik me zou belonen, sprak een van de gasten mij aan. Hij vertelde me hoe mooi ik gezongen had. Ik bedankte hem voor het compliment. Hij bleef echter doorgaan en zei: “Nee echt, je bent echt goed, je zou moeten gaan zingen”.

Auwch.

Ik glimlachte en knikte beheerst, bediende me van het buffet, en verdween. Ik had de moed niet om hem te vertellen dat ik vier jaar conservatorium achter de rug had en professioneel zong en zangles gaf. Misschien was de man beter wat meer terughoudend geweest. Ik moet wel toegeven dat ook ik wel eens geflaterd heb bij het geven van complimenten. Een zanger hoeft maar even wat minder zelfzeker te zijn en een welgemeende “ik vond je performance op de bühne zeer sterk”, wordt geïnterpreteerd als “ik heb het liever over je looks dan over je zang”. Als zanger moet je sommige commentaren gewoon leren negeren, zelfs je eigen opinies, vooral opinies die je niet bepaald aanmoedigen. De hamvraag blijft: op wie vertrouw je en naar wie luister je?

Regie-aanwijzigingen tijdens opera-repetities (Peter Konwitschny - Aida, 2010-2011)

Een zangleraar gaf me de goede raad bij kritiek altijd na te gaan wie de persoon is die hem geeft, en wat deze zelf zoal bereikt heeft. Dat mag logisch klinken, maar in de praktijk heb ik ook al verschrikkelijke feedback van grote artiesten gekregen en heel goed advies van een dronkenlap in een café. Tja, hoe weet je wat je moet geloven en wat niet? Hoe beweegt een zanger zich door dit mijnenveld van subjectiviteit?

Het eerste waar je moet naar streven is zelfkennis. Door studie en training moet je een duidelijk beeld krijgen van je zwakke plekken en je talenten, en hoe je het ene verdoezelt en het andere in de verf zet. Het gaat niet alleen over je stem weten in te schatten, maar ook hoe je op het podium overkomt, hoe je met collega’s omgaat, hoe snel je talen leert, wat maakt dat je op je best functioneert, en hoe je met een mindere dag omgaat. Een eindeloze lijst.

Maar zoals bij comedy is timing alles. Een doorgewinterd zanger weet precies wanneer hij dingen kan uitproberen en wanneer niet.

Al deze skills verbeter je door ‘trial & error’. Dat betekent jezelf de vrijheid geven om fouten te maken. Een goed gevoel voor humor geeft je de ruimte om eens een belachelijk figuur te slaan. Maar zoals bij comedy is timing alles. Een doorgewinterd zanger weet precies wanneer hij dingen kan uitproberen en wanneer niet. Je neemt geen onnodige risico’s tijdens voorstellingen, maar wel tijdens de eerste repetities en liefst nog in de beslotenheid van je eigen tijd. Ontdekken wat werkt en niet werkt is de essentie van ervaringen waarop een artiest zijn performance bouwt.

Bovenop de eigen ervaring heeft zowat elke zanger die ik ken een kleine kring van ingewijden, een groep mensen op wiens opinie ze ten volle vertrouwen. Meestal kan je deze vertrouwelingen op één hand tellen. Het zijn mensen die voorbij de vanzelfsprekendheid kijken, die dingen zien die anderen niet opmerken, en vooral: die op zo’n manier opmerkingen kunnen maken dat ze bruikbaar en verteerbaar zijn. Of het nu een familielid is, je partner of collega, het moet iemand zijn die jou en je vak door en door kent. Ze moeten ook de wil hebben om het beste in je boven te halen en tegelijk ook nog weten hoe. Je kan naar andere opinies luisteren, maar uiteindelijk wegen die vanuit de ‘inner circle’ het zwaarst.

Voor mij persoonlijk is mijn vrouw zo iemand. Over de jaren heb ik haar quasi getraind om mij niet te sparen met haar commentaren. Ik wil dat ze eerlijk is, ik weet immers dat ze positief staat tegenover mijn kunnen. Naast het feit dat ze mijn stem bijna even goed kent als ik, geeft ze ook mee hoe het licht op mijn gezicht valt, welk dramatisch effect mijn positie op het podium heeft. Hoe mijn stem klinkt op het derde balkon wanneer ik liggend op mijn rug moet zingen. En het gaat maar door. In vele opzichten is ze mijn ogen en oren. En altijd weer geeft ze me een accurate indruk van hoe mijn optreden onthaald werd, zowel door de professionele criticus, als door de doorsnee toeschouwer. Maar misschien is het wel allerbelangrijkst dat ik haar ook goed ken, waardoor ik alles wat ze zegt in het licht kan zien van de persoon die ze is en de waarde die ze heeft. Zo weet ik welke opmerkingen ik ter harte moet nemen, en welke gewoon ter info zijn.

Beeld uit Die Zauberflöte (2012-2013)

Nu Opera Vlaanderen momenteel de Die Zauberflöte-productie uit 2013 herneemt, confronteert mij dit met een niet-onderbouwde mening van mezelf. Zowel nu als drie jaar geleden brengen we de productie tijdens de kerstperiode, een logische keuze gezien de vreugde en humor die in het werk zit. Wanneer ik echter voor het eerst vernam dat onze versie eerder een ernstige en donkere versie van Mozarts charmante Zauberflöte zou worden, was ik dan ook verontrust. Een opera interpreteren is een ding, de complete esthetiek veranderen, is wat anders. En dan zo’n gedurfde versie brengen in een periode dat mensen blij en feestelijk willen zijn… het woord dat me eerst te binnen schoot was ‘krankzinnig’.

Aanvankelijk deelde ze mijn angst voor de duistere versie van Die Zauberflöte in dagen van licht. Daarom was ik sprakeloos toen ze me na de voorstelling kwam vertellen dat het de beste productie was die ze dat seizoen gezien had.

Het is echter op zo’n moment dat een artiest voor een tweede opinie te rade moet gaan bij zijn kring van ingewijden. Mijn vrouw kende Die Zauberflöte reeds heel goed, ze zag me jaren geleden bij de muziekopleiding in de rol van Papageno. Aanvankelijk deelde ze mijn angst voor de duistere versie in dagen van licht. Daarom was ik sprakeloos toen ze me na de voorstelling kwam vertellen dat het de beste productie was die ze dat seizoen gezien had. Nadat ze me alle argumenten voederde om tot dit verdict te komen, besefte ik pas ten volle hoe moeilijk het is om te oordelen over een productie waar je zelf in meespeelt. Zelfs drie jaar later zijn de 17 voorstellingen van deze herneming zo goed als uitverkocht. Eating humble pie, een mooie engelse uitdrukking voor nederig je ongelijk toegeven, zou makkelijker zijn als die humble pie lekkerder smaakte.

Soms wou ik dat we allemaal zoals Dirty Harry konden zijn en genoeg vertrouwen op onze persoonlijke ervaring zodat we voor onze eigen ideeën kunnen gaan, goed en slecht, en ons vooral niks aantrekken van anderen. Waarom doen de meeste onder ons dat bewust niet? Omdat we weten dat we om te groeien net die opinies van anderen nodig hebben. Als we die naast ons neerleggen dan missen we de kans om ervaringen te delen met anderen. Er zijn best wel wat mensen die nooit oor hebben naar anderen en ook nooit enige feedback geven. Zulke mensen volgen een eenzaam pad. Moraal van het verhaal: wat cool lijkt in een film hoeft dat niet per se te zijn in het echte leven. Maar dat is slechts mijn opinie en je weet wat Dirty Harry zegt over opinies...

Beeld uit Die Zauberflöte (2016-2017)


Over Simon

Simon Schmidt is bariton in het koor van Opera van Vlaanderen en werkt nu het zevende seizoen op rij met het gezelschap. Hij zingt ook kleine en middelgrote rollen in diverse producties. Hij verruilde in 2007 Australië voor Europa en zong in vele landen - zowel als solist als koorlid - in operaproducties en concerten. Simon schrijft elke maand een blog voor ons, een eerlijk relaas over het leven bij het operahuis en onder de mensen die het bevolken.

Lees meer over Simon Schmidt

Lees ook